Zomervarianten 2026 (4): Carlsbad

De eerste drie ronden van de Zomervarianten bij DSC draaiden om 1. e4 openingen met allerlei tactische verwikkelingen, dus Ted vond dat het hoog tijd was voor een meer positionele ronde met 1. d4, de ruilvariant van het damegambiet. Daartoe gaf hij een enthousiast college over de resulterende pionnenstructuur, de goede en de slechte lopers, de minoriteitsaanval en het paard van Capablanca. Het bleek dat zwart en wit elkaar deze avond goed in evenwicht hielden, in de in totaal 27 partijen die er gespeeld werden was de score wit-zwart uiteindelijk 13½-13½.

(Volledige partij Bobotsov – Petrosian in een Lichess studie.)

Deze opening was bijzonder populair in het begin van de de twintigste eeuw. Capablanca manoeuvreerde zijn paard daarbij vaak naar het veld d6, waar het veel nuttig werk doet, zoals het controleren van centrumvelden en het verdedigen tegen de witte minoriteitsaanval op de damevleugel. Dat paard op d6 heet tegenwoordig dus “het paard van Capablanca”.

De partijen met deze opening (of de Carlsbad structuur in het algemeen) hebben vaak een sterk positioneel karakter, maar ter waarschuwing voor plotselinge tactische wendingen liet Ted het volgende partijfragment zien: