Abel en Arjan op het Scheldemond Schaaktoernooi in Vlissingen

We starten met acht opgaven voor de lezer (sla dit vooral over als je niet zelf wilt nadenken 🙂 ):

R3 – Ruud Goverde (1842) – Abel Drenthen (1873) – Werkt 17… Txc3 hier?

R4 – Abel Drenthen (1873) – Pade Frederiksen Kristian (1829) – Stelling na 26…Ta5. Wit is een stuk kwijt geraakt in de aanval en zwart probeert nu aanvallers te ruilen om naar een gewonnen eindspel af te wikkelen. Heeft wit nog iets?

R4 – Arjan Drenthen (2036) -WFM Mei-En Emmanuelle Hng (2161)

Maakt de gespeelde zet 48. Pd5 remise of geeft dit de remise weg?

R5 Guy Baete (1856) – Arjan Drenthen (2036) – Zoek de winnende combinatie voor zwart.

R6: Arjan Drenthen (2036) – FM Rick Duijker (2234). Hoe straft zwart het logisch lijkende 12.Te1 af?

R8: Abel Drenthen (1873) – Joseph Morrison (1956)

Zwart haalt bijna een nieuwe dame en heeft daarmee de partij binnen. Heeft het zin voor wit om nog door te spelen en nog wat te proberen?

R8: Arjan Drenthen (2036) – Harmen van Beek (1852)

Werkt 22. Pxe6 hier?

R8: Drenthen – van Beek

Is het na 69…Ta3 al tijd om op te geven voor wit?

De laatste jaren spelen Abel en ik steevast in de zomer een mooi schaaktoernooi. Deze keer gingen we voor het eerst naar Vlissingen. Een voordeel van dit toernooi is dat de meeste partijen in de avond starten (om 18:30) en je overdag nog van Zeeland kunt genieten. Overdag hebben we van het strand, bos en leuke Zeeuwse steden en dorpjes als Middelburg, Veere en Domburg genoten en dan ’s avonds een lekker potje schaken, het was een geweldige combi.

Er deden 212 schakers mee aan het toernooi, en de indeling is bij een dergelijk toernooi Zwitsers, wat betekent dat spelers met eenzelfde score tegen elkaar spelen, en binnen hetzelfde aantal punten de hoger gerate spelers tegen de lager gerate spelers spelen. Dit betekende concreet dat ik meestal tegen óf een betere speler moest (2100-2200) of tegen een op papier wat zwakkere tegenstander(1800-1900) en niemand van mijn eigen sterkte heb getroffen. Voor Abel lag het wat anders, omdat zijn FIDE-rating (1717) veel lager is dan zijn KNSB rating (1873 – dat m.i. meer zijn reële speelsterkte weergeeft). Hij werd elke keer “omhoog” ingedeeld, maar dat betekent vaak mooie partijen tegen spelers met 1800-1900 rating.

NB: in dit verslag zijn de KNSB ratings opgenomen, indien bekend. Die zijn m.i. over het algemeen representatiever dan de FIDE ratings.

Ronde 1

Altijd spannend tegen wie je het toernooi moet beginnen… en de pairing voor de eerste ronde koppelde ons aan elkaar. Wij kennen elkaars repertoire natuurlijk door en door en ik besloot af te wijken van wat we normaal spelen, en deze openingskeuze pakte goed uit voor mij. Ik kon doorbreken in het centrum, Abel kon niet rokeren en ik wist deze eerste ronde te winnen.

Ronde 2

Ronde 2 en 3 zijn beide op zondag. Een partij om 11:30 en een partij om 18:30. Aangezien mijn vrouw en dochter ook mee waren in Zeeland, besloot ik ronde 2 een bye te nemen, met hen overdag wat leuks te gaan doen en rust te nemen voor de avondpartij. Abel speelde deze ronde wel. Hij wist tegen Harmen van Beek (1852) wel een pluspion te krijgen, maar die was niet veel waard. De partij bleef binnen de remisemarges en aldus werd overeen gekomen in het verre eindspel.

Foto door toernooifotograaf Tina Rouwendal.

Ronde 3

In ronde 3 had Abel, mede dankzij een goede openingsvoorbereiding, goede mogelijkheden om voor de winst te gaan. Hij bereikte onderstaande stelling tegen Ruud Goverde (1843):

Abel had zijn d-pion geofferd, maar die extra dubbelpion is weinig waard. Ruud was vermoedelijk (niet geheel onterecht) bang voor de dreigingen Pd4 en Lb4 en durfde Pf3 niet aan. Hij speelde het te langzame 9.h3? maar toen ging het paard opeens niet naar d4 maar naar b4, met de dubbele dreiging om op c2 of op d3 voor problemen te gaan zorgen. 10. Kd1 is vrijwel de enige zet, maar het is duidelijk dat Abel na 10…Pxd3 het voor het zeggen had in deze partij.

Foto door toernooifotograaf Tina Rouwendal van Abel in zijn partij tegen Ruud Goverde.

Na zet 17 kregen we de stelling uit het begin van dit verslag:

Abel speelde hier 17…Txc3? en dit kwaliteitsoffer faalt tactisch, vanwege het antwoord 18. dxc3 Da4+ 19. b3 Lxb3 20. Kd2! (wit hoeft natuurlijk niet terug te slaan) en nu staat de dame in de weg en wint zwart geen kwaliteit terug en kan ook geen mat geven. Wit staat nu beter, maar een paar zetten later kon Abel alsnog remise afdwingen middels zetherhaling (de witte koning bleef natuurlijk wat tochtig staan op d2 en hier kon Abel van profiteren).

Zelf speelde ik deze ronde tegen FM Arno Bezemer (2173) een solide remise. Het evenwicht werd nooit verbroken. Ik was uiteraard wel tevreden met een remise met zwart tegen een sterke tegenstander.

Ronde 4

In de 4e ronde nam Abel het op tegen de Deen Pade Frederiksen Kristian (1829). Hij speelde niet erg overtuigend, verloor een pion, sloeg een Bobby Fischer pion op a7 met zijn loper en een aantal zetten later ging die loper ook verloren. Het leek weinig hoopvol, maar Abel ging vol door met de aanval en toen kwamen bij deze stelling:

Het gespeelde 26….Ta5? is een grote blunder, waar Abel van profiteerde met 26. Txa5 Dxa5 27. Dc6 (dreigt mat, 27. Db3+ bereikt hetzelfde) Db6 28. Dxb6 cxb6 en nu de finishing touch 29. a7+! en nu verliest zwart zijn toren want anders loopt de witte a-pion door. En zijn tegenstander zag dat Abel’s toren daarna ook makkelijk enkele pionnen op de fgh-vleugel zal oppeuzelen en gaf daarom direct op.

Zelf speelde ik deze ronde tegen WFM Mei-En Emmanuelle Hng (2161), een fanatieke toernooispeelster uit Singapore. Het was een lange en zware pot, waarbij ik moest verdedigen, maar dit heel lang goed lukte. We komen uit bij de volgende stelling:

48. Pd5 zou hier inderdaad remise moeten maken. De variant die uiteraard berekend moet worden en ook gespeeld is, is 48…Lxd5 49. exd5 Kxd5. Nu kan wit natuurlijk de h3-pion terugwinnen met 50. Txh3 Txh3 51. Kxh3 en dan 51…Kd4 52. Kg4. Ik had goed uitgerekend dat als zwart nu voor mijn b-pion zou gaan, ik op tijd zou zijn met promoveren met mijn f-pion (ik ben 1 zet later, dat is uiteraard genoeg voor remise), maar ik was bang dat de variant met 52.. Ke3 zou verliezen:

Hier had ik echter niet goed gezien/berekend dat 53. b3! eenvoudig remise maakt. Zwart kan nu niet eens 53…Kf2 spelen, want dat verliest zelfs. Helaas verkeerd doorgerekend, en daardoor besloot ik op zet 50 niet voor de variant met Txh3 te gaan, maar 50. Kg4 te spelen en de g-pion dreigen te winnen. Zwart had hier het ijzersterke antwoord 50…Ke5! op en toen was de stelling helaas wel verloren.

Foto door toernooifotograaf Tina Rouwendal.

Ronde 5

In de 5e ronde nam ik het op tegen de sympathieke Belg Guy Baete (1856). Ik kreeg vanuit de opening een klein plusje en mijn tegenstander was op zoek naar een remise-uitweg. Uiteindelijk bereikte ik de volgende stelling waarin hij net met Tc1 de fout in is gegaan:

Dit maakte ik af met 35…Lxg2 36. Kxg2 Pe2 – zwart wint een kwaliteit en wit geeft op. Belangrijk detail is ook dat wit niet het paard op c3 kan slaan, want dan blijft er een paard op f1 instaan en wint zwart een stuk.

Abel speelde een ongelukkige partij in deze ronde tegen Rogier van Gemert (1911). Hij verloor een pion in de opening, ging toen all-in met …f5 -…g5 -…h5, maar dit kon zijn stelling niet hebben. Een wanhoopspoging leverde Abel echter wel degelijk toegang tot de koning van zijn tegenstander, maar de wanhoopsaanval leek te stranden, totdat… wit dacht 1x zetten te kunnen herhalen en Abel ging daar in mee, maar in werkelijkheid misten beiden een mat-in-1 voor Abel. Bizarre dubbele blunder, daarna ging Rogier wel de goede kant op, was de aanval van Abel klaar en het punt voor Rogier binnen.

Ronde 6

In de 6e ronde speelde ik tegen FM Rick Duijker. Helaas meer tijd met Rick doorgebracht tijdens de analyse/nazit dan tijdens de partij zelf, waarin ik (te) snel de fout in ging.

Wellicht was het niet handig om de gambietpion op c6 te accepteren, want nu kwamen er trucs in de stelling. Hier zag ik al snel dat 12. Lg2 na Lxg2 13. Kxg3 Pe4 een kwaliteit zou kosten, maar met een pion heb ik compensatie voor de kwal en was dit nog best speelbaar geweest. Ik dacht met 12.Te1? een veiligere optie te hebben gekozen, maar ik kwam van een koude kermis thuis, want 12…Pg4! kost nu een stuk. Wit moet het paard op c3 nu dekking geven, maar na bijv het gespeelde 13. Lb2 volgt 13…Db6 met dubbele aanval op de loper en op f2. Aangezien slaan op f2 tot mat leidt, kost dit dus een loper en kon ik spoedig opgeven.

Abel speelde deze ronde tegen Arie van den Hoogen (1885) een ontzettend tactisch complexe partij, beide schuwden de combinaties niet en vooral Arie offerde er lustig op los in deze partij. Er zijn vele fragmenten de moeite waard, ik kies degene waarin de balans verschoof naar Abel’s voordeel:

Een zet als 21…f5 (om de f-lijn te openen en de toren erbij te halen) zou heel sterk zijn geweest voor zwart. Arie haalde echter zijn loper erbij met 21…Le5. Hiertegen vond Abel de beste verdediging met 22.Thd1 Lg3+ 23. Kf1 Dxe4 24. Db4! (cruciaal om de dame ook in de verdediging te betrekken) Df5+ 25. Kxe2 en hoewel wit een stuk heeft gewonnen nu, blijft de koningsstelling natuurlijk erg penibel. Abel bleef nauwkeurig verdedigen, de koning kon naar c2 ontsnappen en het eindspel was toen natuurlijk gewonnen voor wit.

Ronde 7

Inmiddels ruim over de helft van het toernooi en voor ons beide gold nog steeds dat we zowel een goed als een slecht toernooi zouden kunnen spelen. We hadden beide een miniem ratingplusje behaald tot nu toe uit de eerste 6 rondes en we stonden met 3 uit 6 allebei nu op een 50% score.

Ik speelde nu tegen Johan van de Griend (1826) en dat werd helaas een vreselijke partij voor mij. Ik ging direct na de opening opnieuw serieus de fout in, en gaf Johan de mogelijkheid een dubbele aanval uit te voeren. Ik kon nog afwikkelen door twee lopers te geven voor een toren, maar de resterende stelling was geen pretje voor mij als zwart. De hele partij had Johan druk, computerevaluatie schommelde de hele tijd tussen +2 en +3 voor  hem, alleen het lukte hem niet om het winnende plan te vinden. Ik bleef verdedigen en toen hij in tijdnood kwam bood ik remise aan, hetgeen geaccepteerd werd.

Gelukkig deed Abel het opnieuw beter deze ronde. Nadat er in het begin van het toernooi nog wel wat onnauwkeurigheden en fouten in zijn spel zaten, waren die de 2e helft van zijn toernooi amper te vinden. Hij speelde met zwart tegen Fred Reulink (1938) een mooie, dynamische partij en wist die ook knap te winnen.

Deze stelling na 23…Pg4! was de culminatie van het goede en actieve stukkenspel van Abel. Pg4 verdedigt en valt aan, de zwart loper is werkelijk geweldig op d4, er is een gevaarlijke vrijpion op c4 en de toren op b2 staat ook prachtig. Dit is niet meer te houden. De partij ging als volgt verder: 24. Tab1 Pxf2 25. Pxf6+ Kh8 26. Txf2 Lxf2+ 27. Kf1 Txb1+ en dit eindspel is eenvoudig gewonnen voor zwart.

Ronde 8

 In ronde 8 mocht Abel aantreden tegen een Engels jeugdtalent, Joseph Morrison (1956). Joseph ging moedig voorwaarts op de koningsvleugel, waardoor Abel het niet aandurfde om daar te rokeren. Het wordt echt leuk/tactisch vanaf de volgende stelling:

Abel speelde hier het opmerkelijke 20. Df3?!. Deze zet doet niets aan de bescherming van pion d4, die toch echt net voor de derde keer is aangevallen. Wat is dan de pointe? Dat bleek na 20… Pcxd4 21. Pxd4 Pxd4 en nu gaat de dame een kamikaze-actie uitvoeren met 22.Dxf6 Kxf6 23. Pe4+ Ke7 24. Pxd6 Pxb5 25. Pxb5 Lxb5 26. axb5 en als de rookwolken opgetrokken zijn hebben we het volgende eindspel:

Materieel gelijk, maar dit eindspel is wellicht toch iets beter voor zwart. En eigenlijk was het ook spelen voor twee resultaten vanaf hier. Joseph probeerde te winnen, Abel probeerde de remise-haven te bereiken. En Abel speelde tot op het eind heel erg nauwkeurig en kwam zeer dicht bij een remise. Hij maakte eigenlijk nog maar één fout en dat is in onderstaande stelling:

 Hier gaf Abel op, vanwege de dreiging …Kg1 en h1D. Echter, wit heeft altijd Tg2+ in die stelling als hij nu de toren ergens op de 2e rij houdt (en vooral geen koningszet speelt). Het is dus nog steeds volkomen remise. Extra pijnlijk/zuur, als je vanaf 18:30 een goede partij hebt gespeeld, om dan na 5 a 5,5 uur spelen in een remise-stelling in enige tijdnood op te geven. Maar veel geleerd, mooie partij en gelukkig pakte Abel zijn kans in ronde 9 alsnog om zijn toernooi wat extra glans en punten te geven.

Abel was al heel lang bezig met zijn partij in de voorlaatste ronde, maar mijn partij was helemaal een marathon. Ik was erg gemotiveerd om te winnen, na twee hele slechte partijen in ronde 6 en 7. Ik had me goed voorbereid, maar helaas week mijn tegenstander af, waardoor ik de door mij uitgebreid geanalyseerde tactische stellingen niet op het bord kon krijgen. Dan maar gewoon rustig beginnen en kijken wanneer de kansen zich voordoen. De eerste goede kans kwam na zet 21…Pc3:

Het zwarte paard staat natuurlijk mooi op c3, maar ik dacht dat het niet werkte vanwege 22. Pxe6. Nu nam ik ruim de tijd om alles nog eens goed uit te rekenen, en kwam ik tot de conclusie dat het toch niet werkte, vanwege de variant: 22.Pxe6 fxe6 23. Td7 Tc7 24. Dxe6+ Tf7 en zwart houdt zijn loper voldoende gedekt. Wat ik (en Harmen ook) gemist hadden, was dat er nu een mat-in-3 in de stelling zit:

25. Td8+ Lf8 26. Txf8+ Kxf8 27. Td8#

Helaas niet gevonden, dus speelde ik het veel minder goede 22.Pe2, waarna zwart beter stond.

Vele verwikkelingen later wist ik een toreneindspel te bereiken, waarin ik een vrijpion kon creëren. Ook dit was lange tijd nog gewoon remise, maar ik leek toch wat te bereiken. We kwamen nu bij een cruciaal punt in de partij:

Drenthen – Van Beek, na 62…Ta6.

Inmiddels heb ik veel bereikt, de stelling is nu gewonnen voor wit, maar wit moet wel heel voorzichtig zijn. De beste wijze om te winnen is nu door 63. Tc6 te spelen, dan moet de koning naar d5 (want anders Tc3+ – Ta3 manoeuvre) en vervolgens kan ik met de koning naar de a-pion lopen.

Ik deed het echter niet goed, want speelde direct 63. Kb3? Maar nu had Harmen het ijzersterke (en heel logische) antwoord 63…Ke3 en mijn witte pionnen zijn niet meer te dekken en Harmen krijgt opeens twee verbonden vrijpionnen. Wat een shock! Net stond ik nog gewonnen en nu moet ik alle zeilen bijzetten om niet te verliezen. Remise zou het zijn geworden als ik de a-pion was gaan ondersteunen, promoveren, toren winnen en met toren en koning de twee vrijpionnen gaan verdedigen. Dat zou allemaal net te houden zijn geweest. Ik besloot echter met mijn koning in de buurt van de twee vrijpionnen te blijven en daar te verdedigen. Dit had echt moeten verliezen, maar tot mijn verbazing en geluk gaf ook Harmen daarna de winst helemaal weg in onderstaande stelling:

Drenthen – Van Beek, na 69….Ta3?

De meeste andere zetten zouden winnen voor zwart, het meest logisch lijkt 69..Kg2 of Kg3 om vervolgens door te lopen met de f-pion en kunnen schuilen voor de torenschaakjes. Nu had ik echter de resource 70. Tb3+ en opeens moet zwart de toren nemen en kan wit promoveren tot een dame.

Harmen bood (opnieuw) terecht remise aan, maar ik wilde het toch nog blijven proberen. Ik heb tot bijna 0:30 (mijn excuses richting de arbiters die door mijn koppigheid laat konden gaan slapen) tevergeefs nog geprobeerd te winnen, maar in onderstaande stelling wist ik echt niets meer te bedenken (waarschijnlijk moet wit nu zelfs meer oppassen dan zwart) en kwamen we remise overeen:

Slotstelling Drenthen – Van Beek na 105…Tg2

Ronde 9:

Abel en ik hadden dus een korte nacht gehad, en de laatste ronde begon al in de ochtend op zaterdag 8 augustus. Waren we voldoende hersteld/uitgerust om er nog wat van te maken op de laatste dag? Het antwoord is dubbel: ik niet, Abel wel.

Over mijn partij tegen Niels Brand (1905) kan ik redelijk kort zijn. Ik maakte in de opening een strategische fout door mijn tegenstander een open a-lijn en initiatief te geven. Ik werd veroordeeld tot passief verdedigen en de enige die de stelling kon opengooien/breken, waarna er eventueel tegenkansen zouden kunnen ontstaan voor mij, was Niels. Dat deed hij echter niet, hij had een goed toernooi gespeeld en vond het wel prima om af te sluiten met een remise tegen een hoger gerate tegenstander, hield de boel op slot en toen hij remise aanbood kon ik dat gezien de stelling en het aantal plannen dat er voor mij in zaten om er nog iets van te maken (nul) niet weigeren. Relatief snelle remise dus.

Abel moest in de laatste ronde weer tegen een sterke speler, Sjoerd Kelder (2000). We komen er in na 21…Ld8:

 Sjoerd speelde hier 22. Pxb5 – en dit is de beste zet van de computer, maar zorgvuldigheid is wel vereist tijdens de komende zettenreeks! De partij ging verder met 22….Lg4 23. Pc6 (er hangt nu van alles aan beide kanten) Lxf3 en nu zou 24. Td3 of Td7 het evenwicht kunnen behouden, maar Sjoerd besloot om direct te gaan ruilen met 24. Txd8+ Txd8 25. Pxd8:

En opeens is de stelling compleet verloren voor wit! Abel speelde 25…Lxe4 (25…Pa5 direct was nog net iets nauwkeuriger) en het blijkt dat het witte paard ingesloten zit. Zwart kan er rustig met zijn koning naartoe lopen om hem op te halen. En zo geschiedde. Abel wist het paard op te halen en met een stuk meer was het natuurlijk niet moeilijk meer om de overwinning binnen te halen. Hiermee wist Abel het toernooi heel mooi af te sluiten en won hij ook nog de David vs Goliath prijs in de laatste ronde (dat is de prijs voor degene met de laagste rating die wint waarbij het ratingverschil het hoogste is in de ronde – toegegeven… Abel stond dus genoteerd tijdens dit toernooi met een FIDE rating van 1717 die niet echt recht doet aan de speelsterkte).

Als we de balans opmaken hebben we in ieder geval een fantastische week gehad, heel veel leerzame momenten, boeiende partijen, fouten, blunders, gave tactische verwikkelingen, heel veel leuke en sympathieke spelers ontmoet, fantastische organisatie – echt een topweek gehad. Op sportief gebied ging het voor mij niet geweldig, ik kan door mijn 3 remises in de slotrondes niet terugkijken op een goed toernooi, maar Abel heeft juist een hele mooie 2e helft van het toernooi gehad. Hij won naast de David vs Goliath prijs, ook nog de 2e ratingprijs in zijn categorie (1600-1800), scoorde wel een goede TPR en neemt naast een hap ratingpunten ook een aardig geldbedrag mee naar Delft.

Voor ons de eerste keer, maar wij gaan zeker terugkomen naar Vlissingen!

Spelersinformatie

NaamDrenthen, Arjan
Startplaats73
Rating1970
Nationale rating0
Internationale rating1970
Toernooiprestatierating1961
FIDE rtg +/--2,6
Punten4,5
Plaats118
FederatieNED
Identificatie-nummer0
Fide-ID1056735
Geboortejaar1982
Rd.Bo.SNoNaamRtgFEDPts.Res.PGN
172179Drenthen, Abel1717NED51 
295-2niet ingedeeld00– ½ 
31927FMBezemer, Arno2152NED5½PGN
42225WFMHng, Mei-En Emmanuelle2161SGP6,50PGN
549124Baete, Guy1856BEL41 
62215FMDuijker, Rick2223NED6,50PGN
746123Van De Griend, Johan1859NED4½ 
847126Van Beek, Harmen1847NED4,5½ 
948114Brand, Niels1869NED4,5½

Spelersinformatie

NaamDrenthen, Abel
Startplaats179
Rating1717
Nationale rating0
Internationale rating1717
Toernooiprestatierating1943
FIDE rtg +/-105,2
Punten5
Plaats71
FederatieNED
Identificatie-nummer0
Fide-ID1085743
Geboortejaar2012
Rd.Bo.SNoNaamRtgFEDPts.Res.
17273Drenthen, Arjan1970NED4,50
270126Van Beek, Harmen1847NED4,5½
375127Goverde, Ruud1846NED3½
480131Frederiksen Kristian, Pade1829DEN41
56195Van Gemert, Rogier1911NED50
670105Van Den Hoogen, Arie1883NED41
75894Reulink, Fred1926NED4,51
84079Morrison, Joseph1956ENG60
95291Kelder, Sjoerd1934NED41